De Grote Waert herzien
 
Door Henk Komen, donderdag 19 januari 2017 
 
De ontwikkeling van de polder Heerhugowaard begint bij de drooglegging van de Grote Waert in 1631. Het Platform Erfgoed Heerhugowaard heeft daar met allerlei verschillende activiteiten al vaker aandacht aan besteed. Maar wat gebeurde er daarvoor?
 
Het ontstaan van de Grote of Zuider Waert wordt tot nu toe vaak gedateerd op 1248. Heel West Friesland was in de Middeleeuwen bedekt met veen. Door de intensieve ontginningen, maar ook door oxidatie en inklinking van het veen door ontwatering, ontstonden grote meren. De eerste meren ontstonden op de laagste plaatsen waar de oude rivieren liepen. Zo ontstond De Grote Waert op de plaats van het riviertje de Leek. Het water kan niet worden gestopt en de meren worden steeds groter.
 
In de Middeleeuwen worden terpen aangelegd, die na verloop van tijd verbonden worden tot de eerste dijken. Maar de dijken zijn laag en zwak. In de 13e eeuw teisteren stormen het gebied, waardoor de dijken bezwijken. In 1248 en 1250 breken de dijken ten zuiden van Schagen door, zo ontstaan de merengebieden Schagerwaard en de Zuyder Waert. Door het water werden de oude woongronden weggevaagd. Op een aantal veeneilanden (druiplanden) na.
 
Hoe zag die Grote Waard eruit? De kaarten die we kennen zijn reconstructies die later zijn gemaakt. De Waard staat ingetekend zoals die er rond 1600 uitzag. Henk Komen heeft de bronnen en de literatuur opnieuw bekeken. Op basis van zijn bevindingen formuleert Henk Komen een hanteerbaar uitgangspunt voor een betere reconstructie voor het jaar 1300.