Gebouw
 
Het museum is gevestigd in het voormalige gemaal aan de zuidelijke ringdijk. Daar is de polder het diepst. Bij de drooglegging van 'De Grote Waert' in 1631 waren destijds 47 windmolens betrokken. Daarvan zijn slechts de 3 molens bij Rustenburg overgebleven. In 1877 werd het eerste gedeelte van het gemaal gebouwd op de plek waar eerder de poldermolens aan het zuidelijke einde van de Oostertocht stonden.
 
In het gebouw werden twee stoommachines (samen 120 pk) met schroefpompen (= vijzels) geplaatst. Vanaf 1889 werden het gebouw en de kolenloods vergroot en de machinerie vernieuwd zodat er uiteindelijk in 1907 twee stoommachines van elk 210 pk plus 2 centrifugaalpompen in bedrijf waren. Er werd met stoomkracht gemalen tot 1935 toen er 2 dieselmotoren met ongeveer hetzelfde vermogen werden geplaatst (minder kosten aan arbeid, brandstof en onderhoud).
 
 
 
In 1941 (oorlogstijd!) werden twee elektromotoren geïnstalleerd van elk 220 pk, die gekoppeld werden aan dezelfde pompen als de diesels. Deze krachtbronnen die per min. 350 m3 water konden wegwerken, werden zonodig afwisselend gebruikt om, als er gemalen moest worden, gebruik te maken van de energie (olie of elektra) die op dat moment verkrijgbaar was.
 
Na de oorlog werd alleen elektra gebruikt; de diesels werden in 1945 verkocht voor een bedrag van 20.000 gulden. In 1961 werd de vroegere ketelruimte van het gemaal ingericht als vergaderruimte voor het polderbestuur. Het oude polderhuis was n.l. te zeer vervallen. Deze vergaderzaal werd ingericht als 'poldermuseum', toen de polder Heerhugowaard (officieel in 1980) deel ging uitmaken van het waterschap Groot-Geestmerambacht. Het museum werd geopend in het jubileumjaar 1979 toen de polder 350 jaar bestond.
 
In 1972 werd een aanvang gemaakt met de automatisering van de bemaling, gevolgd door de bouw van een nieuwe kroosbrug met reinigingsinstallatie, voltooid in 1975. In 1994 zijn de bijna een eeuw oude pompen definitief tot stilstand gekomen, na de opening van het nieuwe, geheel automatisch werkende gemaal met kroosreiniging. In het nieuwe gemaal staan drie elektromotoren met pompen die elk 150 m3/min water kunnen lozen.
 
Nadien is het oude gebouw geheel gerestaureerd en heringericht, waarbij dat de pompen en elektromotoren op hun plaats bleven. Sinds 8 september 1994 is het gebouw eigendom van de stichting 'Den Huygen Dijck'.